Klaar voor de strijd

In Letland hebben 3.255 burgers met een Russisch paspoort een oproep gekregen om voor 30 november het land te verlaten. Hetzelfde lot hangt boven het hoofd van nog eens 6.500 etnische Russen als zij niet slagen voor een taalexamen. Deze controversiële maatregel heeft de verhouding met een deel van de Russisch sprekende bevolking onder hoogspanning gezet.

Sinds de oorlog in Oekraïne zijn in Letland georganiseerde bijeenkomsten op 9 mei – de belangrijkste Russische feestdag van het jaar – verboden. In Daugavpils, niet ver van de grens met Rusland, was daar dit jaar echter weinig van te merken. Terwijl de Letse overheid – zij het op zeer bescheiden schaal – Europadag vierde met educatieve activiteiten voor jongeren, legden de inwoners massaal bloemen en kransen bij een Sovjet herdenkingsmonument in het Dubrovina Park. Dat de massaal aanwezige politie niet ingreep, was omdat er zich graven bevinden onder de ‘eeuwige vlam’. En bloemen leggen bij een begraafplaats kan wettelijk niet verboden worden. Wel vond er tijdens de laatste 9-mei viering een klein incident plaats. Tussen de stromen komende en gaande inwoners naderde een gehandicapte man in een rolstoel, voortgeduwd door een familielid. Even later stormden twee agenten op de handicapte man af. Ze sommeerden hem zijn trui weer aan te trekken vanwege het woord ‘Rusland’ op zijn T-shirt. De man kwam er met een waarschuwing vanaf.

Na de invasie in Oekraïne nam de Letse overheid een reeks wetten aan om het land in versneld tempo te de-russificeren.

Er is geen dag die de kloof in de Letse samenleving zo zichtbaar maakt als 9 mei. Voor de Letten staat de Russische 9 mei-viering symbool voor de bezetting door de Sovjetunie en de vernietiging van hun cultuur. Voor etnische Russen is het de nationale feestdag voor het herdenken van gesneuvelde Sovjetsoldaten uit de Tweede Wereldoorlog. Van de gespannen verhoudingen in het tweetalige Letland is in het dagelijks leven niet veel te merken. Stel in het Russisch een vraag aan een Let van boven de 45 en je krijgt waarschijnlijk in het Russisch – de officiële taal tijdens de bezetting door de Sovjetunie – antwoord. Binnen de muren van universiteiten, overheidsinstellingen en grote bedrijven is Lets de voertaal. Het zijn broedplaatsen geworden voor gemengde vriendschappen en huwelijken onder de jongere generatie, opgegroeid in een democratisch Letland met Europese waarden en normen. Maar onder het toeristische plaatje van een vredig en modern EU-land broeit het ongenoegen bij een deel van de Russisch sprekende bevolking.

Na de invasie in Oekraïne nam de Letse overheid uit “overwegingen van nationale veiligheid” een reeks wetten aan om het land in versneld tempo te de-russificeren. Standbeelden uit de Sovjettijd werden verwijderd, Russische Tv-kanalen verbannen en het publiekelijk verheerlijken van de oorlog werd strafbaar gemaakt. Het meest gevoelig zijn maatregelen tegen het gebruik van de Russische taal. Onderwijs geven in het Russisch wordt vanaf 2025 geleidelijk aan afgeschaft, en vanaf schooljaar 2026/2027 kunnen leerlingen alleen nog een Europese taal (lees: Engels) als vreemde taal kiezen. Ook zijn er vergevorderde plannen van de overheid om communicatie in het Russisch te gaan verbieden op het werk, in de winkels en in publieke ruimtes. Auto’s met een Russisch kenteken mogen vanaf 14 februari 2024 niet meer aan het verkeer deelnemen en lopen het risico om in beslag genomen te worden, met de intentie om ze aan Oekraïne te doneren.

Aanpassing in de wet

Door een aanpassing in de immigratiewet dreigt voor duizenden etnische Russen zelfs deportatie naar Rusland als zij niet slagen voor een taalexamen. Het gaat niet om recent gevluchte Russen, maar om migranten die tijdens de Sovjetbezetting in Letland waren komen wonen en na de onafhankelijkheid geen staatsburger van Letland konden of wilden worden. Een deel van deze groep vroeg een Russisch paspoort aan om later een klein pensioen van de Russische Federatie te kunnen krijgen. Om in Letland te kunnen blijven leven, moeten zij nu een permanente verblijfsvergunning aanvragen. Een voorwaarde daarvoor is dat zij via een taalexamen kunnen aantonen het Lets op een basisniveau te beheersen.

Van de 11.301 Russen die tot en met augustus het examen deden, faalde maar liefst 61% bij de eerste poging. Zij kregen van de overheid een tweede kans, mits ze tijdig een herexamen en een verlenging van hun tijdelijke verblijfsvergunning hadden aangevraagd. Een groep van 3.255 Russen deed dat niet. Bij hen viel eind oktober een brief van de overheid op de deurmat waarin ze gesommeerd werden om Letland voor 30 november te verlaten. De 37-jarige Olga Petkevica uit Daugavpils is het publieke gezicht van het verzet tegen het controversiële taalexamen. ‘Alleen Russen moeten dit doen’, zegt Olga. ‘De condities voor vreemdelingen uit Belarus, Armenië, Georgië of Oekraïne om legaal te verblijven zijn gunstiger. Dat is pure discriminatie.’ In het gemeentehuis geeft ze leiding aan vrijwilligers die de vrouwen praktisch ondersteunen met voorlichting en het invullen en verzamelen van documenten. ‘De mensen zijn in paniek’, vertelt Olga. ‘Ze kunnen de brieven van de overheid niet lezen en begrijpen niet waarom ze op hun oude dag nog Lets moeten leren.’ Olga verzamelde eerder 10.000 handtekeningen die haar het recht gaven om gehoord te worden door de parlementariërs die het taalexamen hadden bedacht. ‘Ze bleken geen idee te hebben wie hierdoor geraakt worden’, vertelt Olga. ‘Ze dachten dat het om radicale, jonge Poetinisten ging die met Russische vlaggen rondliepen. In werkelijkheid gaat het om oude mensen die hier het grootste deel van hun leven hebben gewoond, kinderen en kleinkinderen hebben gekregen en altijd voor de onafhankelijkheid van Letland zijn geweest. De aanpak van de overheid gaat niet werken. Het Russisch is een symbool van onze identiteit. Geen van deze vrouwen gaat ooit Lets spreken, zelfs niet als ze het examen halen. Het is een loyaliteitstest voor mensen aan het eind van hun leven. Maar we zijn geen vijand van Letland.’

Het stereotype beeld is dat alle Russisch sprekenden voor Poetin en de oorlog zijn, tegen het westen en niet loyaal aan Letland. Voor Olga, die ook Lets spreekt, meerdere opleidingen volgde aan de universiteit en als journalist werkt voor een lokale krant, is het duidelijk dat Poetin de agressor is. Een opvatting die er met name bij de oudere mensen die ze steunt niet in gaat. ‘Ik praat met veel bewoners uit Daugavpils en weet dat sommigen Rusland steunen. Een man vroeg me: “Waarom schrijf je Poetin niet?” Ik vroeg hem wat ik dan zou moeten schrijven, waarop hij antwoordde: “Dan ga ik zelf wel naar Moskou om met hem te praten.” Als ik dat hoor, kan ik alleen maar glimlachen. Deze mensen zijn zo oud, zo koppig, laat ze sterven met hun ideeën.’

Geelblauw in de straten, Sovjetbeelden verwijderd

Aan het standpunt van Litouwen over de oorlog hoeft niet te worden getwijfeld. Het land veroordeelt de Russische invasie krachtig. In de hoofdstad Vilnius heeft de burgemeester de straatnaam van de Russische ambassade veranderd in ‘Oekraïense Heldenstraat’ en heeft hij eigenhandig de leus ‘Putin, The Hague is waiting for you’ op de oprijlaan geschilderd. Deze boodschap siert ook het stadskantoor in het nieuwe, moderne gedeelte van de stad. Het presidentieel paleis is gedrapeerd in de gele en blauwe kleur van de Oekraïense vlag. Posters roepen op geld te doneren voor wapens voor het Oekraïense leger. Stadsbussen rijden rond met de boodschap ‘Litouwen houdt van Oekraïne’. De Litouwers beseffen hoe belangrijk het verdedigen van de eigen vrijheid en identiteit is.

Om dat te bekrachtigen, werd deze zomer een wet aangenomen die het mogelijk maakt om op militaire begraafplaatsen monumentale standbeelden te verwijderen die de grootsheid van het Sovjetleger en de natie symboliseren. Het promoten van oorlog en het verheerlijken van geweld paste niet langer bij de collectieve weerzin die Litouwers voelen bij de invasie en de Russificatie van Oekraïners in de bezette gebieden. Voor Litouwers hebben deze plekken altijd al een nare bijsmaak gehad. Ze herinneren aan de vele jaren van onderdrukking door een totalitair regime en aan de genocide en deportaties van bijna 300.000 Litouwse burgers met ‘anti-Sovjet sympathieën’ naar Siberië in de decennia na de Tweede Wereldoorlog.

Het is niet voor het eerst dat er in de Baltische staten een beeldenstorm plaatsvindt. Direct na de val van het Sovjetrijk verwijderden Estland, Letland en Litouwen de meeste Sovjetsymbolen uit het straatbeeld. De tweede ronde vond plaats in 2015, nadat Rusland de Krim had bezet. En nu zijn de militaire begraafplaatsen aan de beurt. Inmiddels zijn er op enkele tientallen locaties in Litouwen standbeelden neergehaald. Vooral beelden van soldaten met geweren en vlaggen moeten er aan geloven.

Respect voor het land

Dat de meningen onder de Russisch sprekende bevolking over de oorlog sterk verdeeld zijn, is het onderwerp van de controversiële documentaire ‘Daugavpils, een stad van kansen of onmogelijkheden’ van Vladislava Romanova, gepubliceerd op YouTube in januari 2023. De 29-jarige documentairemaakster groeide op in Daugavpils in een Russische familie met Russische staatstelevisie. In haar jeugd was de 9 mei-viering haar favoriete feestdag. Rond haar vijftiende kreeg ze een Letse docent die haar niet alleen vertrouwd maakte met de Letse taal en cultuur, maar ook met haar in dialoog ging waardoor haar visie op Rusland en de Letse geschiedenis radicaal veranderde. ‘Door haar ging ik begrijpen hoe fout mijn wereldbeeld was. Mijn klasgenoten stonden niet open voor een dialoog. Zij konden ook een patriot van Letland worden, maar maakten een andere keuze.’

In haar eerste documentaire vraagt Vladislava haar Russisch sprekende stadgenoten hoe ze over de oorlog en Poetin denken. ‘Toen de oorlog begon ontdekte ik dat mijn oma en neven niet tegen de invasie waren’, zegt Vladislava. ‘Als ik een Oekraïense vlag plaatste bij een Facebook bericht, kreeg ik walgelijke reacties. Ik vond dat iemand deze mentaliteit zichtbaar moest maken. Ik wilde met mijn documentaire de Letten laten zien dat er in Daugavpils ook normale mensen zijn die net als ik de oorlog weerzinwekkend vinden. En de Poetinisten laten zien hoe dom ze klinken als ze de propaganda uit het Kremlin na papegaaien.’

“Iedereen in Daugavpils kan al twintig jaar lang gratis taallessen volgen, maar de klassen zitten nooit vol.”

Volgens Vladislava Romanova steunt de meerderheid van de inwoners van Daugavpils Poetins oorlog. ‘Ze zijn opgegroeid in de Sovjetunie en willen nog steeds domineren’, zegt Vladislava. ‘Ze kunnen niet accepteren dat Letland veranderd is. Als ik hier Lets spreek krijg ik in het Russisch antwoord. Ik zeg altijd dat een taal leren niet gaat over een foutloze uitspraak. Het gaat over je houding, of je respect toont voor het land waarin je leeft.’

De overweldigende media-aandacht voor haar documentaire zorgde voor een tsunami aan reacties en meningen over het vraagstuk. ‘Voor veel Letten is de film een eyeopener,’ zegt Vladislava, ‘omdat ze niet doorhebben hoe groot de steun voor Poetin in Daugavpils is. En ze zijn opgelucht om te zien dat er ook mensen wonen die vechten voor de waarden van de Letse samenleving. Van de kritiek vanuit de Russische taalgemeenschap werd ik depressief. Ze vonden me een verrader, ik was slecht, lelijk en dom en ik werd bedreigd met de dood.’

Dat de overheid haar Russische stadgenoten dwingt om Lets te gaan leren, op straffe van een escorte naar de grens met Rusland, is volgens haar een goed besluit. ‘Iedereen in Daugavpils kan al twintig jaar lang gratis taallessen volgen’, zegt Vlasdislava. ‘Maar de klassen zitten nooit vol. Deze mensen hebben de kans gehad om Lets op een basisniveau te leren, maar hebben andere keuzes gemaakt. Daarom vind ik het prima als ze naar Rusland uitgezet worden. Ja, ook als het om mijn eigen familie gaat. De immigratiewet stimuleert mensen om meer Lets te worden. Zoals bij mijn moeder. Ze spreekt de taal niet super goed, maar toen de oorlog begon is ze elke week taalles gaan nemen. Ze begrijpt nu hoe belangrijk het is om de Letse taal en geschiedenis te kennen en te respecteren. Ze wil nu Lets staatsburger worden. De overheid had dit veel eerder moeten doen.’

Share this story