‘De oorlog heeft mijn vertrouwen in de humaniteit hersteld’

De invasie in Oekraïne was volgens Poetin onder andere nodig om het Russisch sprekende deel van de bevolking van nazi’s te bevrijden. Ook in de voormalige Sovjetrepubliek Litouwen bevindt zich een omvangrijke Russischtalige minderheid. Fotografen David Peskens en HJ Hunter ontdekten dat de Russisch sprekende jongeren de oorlog unaniem veroordelen, terwijl hun (groot)ouders pogingen doen om de verbannen Russische televisie te blijven kijken.

In het Litouwse grensplaatsje Rusne kijkt de Russische Marija Biuvydiene vanuit haar vakantiewoning uit op de ongerepte wouden van de Russische exclave Kaliningrad. Het midden van de rivier Skirvyte vormt de grens tussen EU-lidstaat Litouwen en Rusland. Overdag patrouilleren Russische militairen er met een bootje. Een verlaten houten wachtpost torent nog net boven de boomtoppen uit. Als Marija en haar Litouwse man met hun bootje een tochtje maken door het natuurgebied, zorgen ze er angstvallig voor aan de goede kant van de rivier te blijven. De grens oversteken is ten strengste verboden. Een incident zou zomaar kunnen leiden tot nog meer politieke spanningen.

‘Russen kunnen niet geloven dat wat ze hun hele leven hebben aangenomen als de waarheid, toch een leugen blijkt te zijn,’ zegt Marija, die zelf geboren en getogen is in Sint Petersburg. ‘Ik had zo’n tien jaar nodig om afstand te kunnen nemen van het Russische wereldbeeld waarmee ik was opgegroeid. De kernboodschap op de Russische televisie was en is altijd dezelfde: Europa is slecht, Rusland is goed. Pas toen ik uit eigen ervaring ontdekte dat Europa het tegenovergestelde is van alles wat ik eerder had geloofd, ontstond er ruimte om mijn denkbeelden bij te stellen. Nu haat ik Rusland. Ik kan niet slapen vanwege de gruweldaden die Russische soldaten begaan. Met mijn ouders kan ik hier niet over praten, omdat die trouw blijven aan alles waar ze hun hele leven al in geloven.’

Net als in Oekraïne is een aanzienlijk deel van de bevolking van Estland, Letland en Litouwen van Russische origine. Na de Tweede Wereldoorlog dirigeerde Stalin arbeiders uit Rusland en Belarus naar de in 1944 geannexeerde Baltische Staten. Tot 1991, toen de Sovjet-Unie ophield te bestaan, genoten deze Russische migranten veel privileges. Iedereen werd geacht Russisch te spreken, waardoor de oorspronkelijke bewoners zich tweederangsburgers voelden. Inmiddels zijn de verhoudingen precies omgekeerd. Nu beschuldigt het Kremlin de Baltische staten van Russofobie en discriminatie.

Kleinzoon weigert Russische TV te herstellen

Vasilij Loban, de tachtigjarige opa van Tomas Sipko (27), brengt elke zomer door in zijn datsja in een voorstadje van de hoofdstad Vilnius, waar hij groenten verbouwt en naar talkshows kijkt op kanalen als Russia Today. Dat etnische Russen vooral naar Russische televisiezenders blijven kijken, was na het uitbreken van de oorlog een doorn in het oog van de Litouwse regering. Sinds 8 juli 2022 zijn deze media verbannen uit het reguliere zenderaanbod. Daarom vraagt Vasilij aan zijn kleinzoon of hij kan helpen om een bypass via internet te installeren. Tomas – een hoogopgeleide software engineer met een masterdiploma van de TU Delft – staat altijd voor hem klaar. Hij komt regelmatig naar zijn houten huisje om te helpen opruimen of om de moestuin te onderhouden. Maar Tomas weigert uit principe, zeer tegen de zin van zijn hele familie. ‘De Russen maken echt hele goede shows,’ zegt Tomas ‘waarin fantasie en propaganda door elkaar lopen. Als ik bij mijn opa ben, zie ik fragmenten waarin gewoon idiote dingen gezegd worden. En de uitspraken worden steeds extremer. We hebben dan een gesprekje, maar ik kan hem niet overtuigen van mijn standpunten. Daarom vermijd ik politieke onderwerpen nu maar.’

Zijn ouders hebben sinds de Russische annexatie van de Krim in 2014 altijd een zo neutraal mogelijke positie ingenomen. Maar dit veranderde volgens Tomas in positieve zin door de invasie in Oekraïne. ‘Zij werden veel kritischer op de propaganda van het Kremlin. We hadden altijd conflicten, maar zijn nu meer op één lijn in ons denken over de oorlog. Mijn vader en moeder staan meer open voor de kijk van de Litouwse samenleving op wat er gebeurt in de wereld.’

Geelblauw in de straten, Sovjetbeelden verwijderd

Aan het standpunt van Litouwen over de oorlog hoeft niet te worden getwijfeld. Het land veroordeelt de Russische invasie krachtig. In de hoofdstad Vilnius heeft de burgemeester de straatnaam van de Russische ambassade veranderd in ‘Oekraïense Heldenstraat’ en heeft hij eigenhandig de leus ‘Putin, The Hague is waiting for you’ op de oprijlaan geschilderd. Deze boodschap siert ook het stadskantoor in het nieuwe, moderne gedeelte van de stad. Het presidentieel paleis is gedrapeerd in de gele en blauwe kleur van de Oekraïense vlag. Posters roepen op geld te doneren voor wapens voor het Oekraïense leger. Stadsbussen rijden rond met de boodschap ‘Litouwen houdt van Oekraïne’. De Litouwers beseffen hoe belangrijk het verdedigen van de eigen vrijheid en identiteit is.

Om dat te bekrachtigen, werd deze zomer een wet aangenomen die het mogelijk maakt om op militaire begraafplaatsen monumentale standbeelden te verwijderen die de grootsheid van het Sovjetleger en de natie symboliseren. Het promoten van oorlog en het verheerlijken van geweld paste niet langer bij de collectieve weerzin die Litouwers voelen bij de invasie en de Russificatie van Oekraïners in de bezette gebieden. Voor Litouwers hebben deze plekken altijd al een nare bijsmaak gehad. Ze herinneren aan de vele jaren van onderdrukking door een totalitair regime en aan de genocide en deportaties van bijna 300.000 Litouwse burgers met ‘anti-Sovjet sympathieën’ naar Siberië in de decennia na de Tweede Wereldoorlog.

Het is niet voor het eerst dat er in de Baltische staten een beeldenstorm plaatsvindt. Direct na de val van het Sovjetrijk verwijderden Estland, Letland en Litouwen de meeste Sovjetsymbolen uit het straatbeeld. De tweede ronde vond plaats in 2015, nadat Rusland de Krim had bezet. En nu zijn de militaire begraafplaatsen aan de beurt. Inmiddels zijn er op enkele tientallen locaties in Litouwen standbeelden neergehaald. Vooral beelden van soldaten met geweren en vlaggen moeten er aan geloven.

‘Ik zou doden uit liefde voor onze vrijheid’

Na het uitroepen van de onafhankelijkheid ontstond er in de jaren negentig een machtsvacuüm in het uiteengevallen Sovjetrijk, waarin maffiose bendes burgers en bedrijven chanteerden onder het toeziend oog van corrupte politici, agenten en rechters. Precies in deze chaotische periode van geweld en corruptie groeit Edgaras Klasinski (32) op in Vilnius. Als zijn vader een financieel geschil heeft met de maffia, wordt het gezin gekidnapt en drie maanden lang opgesloten in een
appartement aan de andere kant van de stad. Het tekent zijn toch al niet zo gemakkelijke jeugd. Edgaras worstelt met zijn identiteit. Hij spreekt en denkt in het Russisch. Thuis staat altijd de tv aan met Russische propaganda. Ook al luistert hij er niet echt naar, hij wordt er onbewust wel door beïnvloed. Met grootouders uit Belarus, Rusland en Litouwen vergelijkt hij zichzelf met een bastaardhond. In zijn jeugd zijn er regelmatig gevechten tussen bendes van Litouwse en Russische scholen. Daarbij krijgt Edgaras te horen dat hij terug naar Rusland moet. ‘Ik werd gezien als een vertegenwoordiger van de bezetter, en niet als een echte Litouwer. Dat kwetste me.’ Als reactie omarmt hij in zijn rebelse tienerjaren de Sovjet-symboliek en naait de letters CCCP op een pet.

Zijn rebellie staat echter ver van de persoon die hij daadwerkelijk is. Als zanger en gitarist van een Punk Ska-band maakt hij kritische nummers over zowel Poetin als het Westen. Hij is voor de vrijheid en tegen het onderdrukkende systeem. ‘Rusland leert de mensen dat elke politicus liegt en steelt. Niemand is te vertrouwen. Precies zo denkt mijn moeder. Nu pas realiseer ik me dat dit de boodschap van de Russische televisie is. Autoritaire staten willen dat je passief blijft, je niet met politiek bemoeit en hen laat beslissen.’

“In de band zong ik dat ik nooit een geweer zou vasthouden. De oorlog heeft dat veranderd. Als ik nu zou moeten kiezen tussen vluchten of vechten, dan zou ik het leger in gaan.”

Het uitbreken van de oorlog in Oekraïne brengt een schok bij Edgaras teweeg. Hij herinnert zich de lauwe reactie in Litouwen op de protesten in de Wit-Russische hoofdstad Minsk tegen de pro- Russische dictator Loekasjenko. Dat moet nu anders, redeneert hij. Daarom begint hij op de dag van de invasie aan een lied en een video over Poetin en de Russen die niets tegen hem doen. Ook schrijft hij op Facebook meerdere blogs waarin hij vanuit het perspectief van een Russischsprekende Litouwer zijn persoonlijke ervaringen en veranderde denkbeelden deelt. Eén daarvan gaat viral en levert honderden reacties op.

Dat de Litouwers zo massaal zijn opgestaan tegen Poetins regime, heeft veel teweeg gebracht bij Edgaras. ‘Ik heb nooit meer van Litouwen gehouden dan nu. De oorlog heeft mijn vertrouwen in de humaniteit hersteld. Ik zag dat politici nog steeds mensen zijn, en geen maffiose bureaucraten die alleen aan hun eigen belangen denken. Litouwen verdedigt de vrijheid als belangrijkste waarde. Het blijft niet bij woorden. Iedereen staat achter Oekraïne.’ Iedereen? Edgaras vertelt dat er één persoon is bij wie hij twijfelt. ‘Mijn moeder. Ik durf haar niet te vragen hoe ze over de oorlog denkt. Ik ben bang om te horen dat ze Poetin steunt. Dat zou me heel verdrietig en depressief maken.’

Over het verdere verloop van de oorlog is Edgaras somber. Hij verwacht dat Poetin voorlopig nog niet verdwijnt. En ook een invasie in Litouwen is niet ondenkbaar voor hem. ‘Eerst dacht ik: als het hier oorlog wordt, dan vlucht ik. In de band zong ik dat ik nooit een geweer zou vasthouden. De oorlog heeft dat veranderd. Als ik nu zou moeten kiezen tussen vluchten of vechten, dan zou ik het leger in gaan. Want nu pas begrijp ik wat vrijheid is. Dat ik andere mensen zou kunnen doden als ze mijn vrijheid of cultuur bedreigen, vind ik verdrietig. Ik zou doden uit liefde voor onze vrijheid.’

Share this story